top of page

Veerkracht

  • 3 dagen geleden
  • 5 minuten om te lezen

Veerkracht is geen karaktereigenschap


Over nature, nurture, omgeving, activatie en regulatie

Between stimulus and response there is a space. In that space is our power to choose our response. In our response lies our growth and our freedom.— Viktor Frankl

Maar wat als bij jou de ruimte een nauwe gang is, terwijl die bij de ander een balzaal lijkt? Is dat dan een gebrek aan karakter?


Deze zin wordt vaak geciteerd als bewijs van mentale kracht. Alsof veerkracht vooral een kwestie is van karakter of wilskracht.

Maar die ruimte tussen prikkel en reactie is geen abstracte, filosofische ruimte.

Het is een neurobiologische ruimte. En die ruimte is niet voor iedereen even groot.


Je veiligheidsraam

Iedereen heeft een eigen bereik waarbinnen het leven hanteerbaar blijft. Binnen dat bereik kan je voelen, nadenken en reageren tegelijk. Je blijft aanwezig in je lichaam én in contact met je omgeving.

In de literatuur wordt dit vaak de window of tolerance genoemd. Ik noem het graag je veiligheidsraam.

Dat raam bepaalt hoeveel activatie je zenuwstelsel kan dragen zonder te ontregelen.


Maar dat raam wordt niet willekeurig gevormd. Het ontstaat uit meerdere lagen die elkaar beïnvloeden:

Vroeger:

  • je genetische aanleg en temperament

  • prenatale invloeden (bijvoorbeeld stress tijdens de zwangerschap)

  • je vroege hechtingservaringen

  • wat je lichaam onderweg geleerd heeft

Vandaag:

  • je cumulatieve stressbelasting

  • je huidige sociale en fysieke omgeving

  • je lichamelijke toestand (slaap, voeding, hormonale balans)

Betekenis:

  • de betekenis die je brein aan prikkels geeft



Met andere woorden: je veiligheidsraam is biologisch, psychologisch én contextueel ingebed.


Nature en nurture zijn hier geen tegenpolen, maar een voortdurende dans: je aanleg bepaalt de snaren van je instrument, maar je ervaringen bepalen de melodie die erop gespeeld wordt. Je veiligheidsraam is dan ook geen statisch gegeven, maar een levend resultaat van hoe je biologie en je geschiedenis elkaar voortdurend beïnvloeden.








Een kind hoeft niet voortdurend gekalmeerd te worden

Soms wordt regulatie verkeerd begrepen als “altijd gerustgesteld worden”. Dat klopt niet.

Wat cruciaal is voor de ontwikkeling van veerkracht, is niet constante kalmering, maar voorspelbare beschikbaarheid.

Een veilig gehecht kind mag activeren. Het mag boos zijn, bang zijn, nieuwsgierig zijn.

Maar het leert: activatie is draaglijk, want er komt respons. Spanning is tijdelijk, want herstel volgt.

Via herhaalde ervaringen van afgestemde respons (co-regulatie) leert het zenuwstelsel zichzelf stabiliseren. Wat eerst relationeel gebeurt, wordt later intern.

Dat is de basis van latere zelfregulatie.

Veerkracht ontstaat dus niet doordat een kind nooit stress ervaart, maar doordat het leert dat stress gevolgd wordt door herstel.

Een kind dat chronisch alleen blijft met spanning, leert vooral overleven.

Veerkracht ontstaat dus niet in isolatie. Ze wordt relationeel gevormd.


Prikkels zijn niet het probleem

Er is altijd activatie. Je zenuwstelsel is ontworpen om te reageren.

De vraag is niet of je geactiveerd wordt, maar hoe je systeem die activatie verwerkt.

Eenzelfde gebeurtenis — kritiek, onverwacht nieuws, conflict — kan bij twee mensen totaal verschillende reacties oproepen.

Niet omdat de ene sterker is dan de andere. Maar omdat hun veiligheidsraam anders reageert op dezelfde prikkel.

Wanneer het raam smaller is, verschuift activatie sneller naar:

  • hyperarousal (onrust, piekeren, controle, paniek)

  • hypoarousal (afsluiten, verdoven, bevriezen, aanpassen)

Dat is geen zwakte. Het is een beschermingsmechanisme.



Activatie en regulatie: de kern van veerkracht

In de neurobiologie spreken we over allostase: het vermogen van het lichaam om zich aan te passen aan verandering.

Stress op zich is niet schadelijk. Chronische ontregeling wel.

Wat het verschil maakt, is regulatie.


Kan je systeem terugkeren naar een toestand van veiligheid?

Regulatie gebeurt op twee niveaus — en dat is wetenschappelijk goed onderbouwd.


1. Intrapersoonlijke regulatie

Dit is wat we meestal bedoelen met zelfregulatie:

  • ademhaling

  • lichaamsbewustzijn

  • beweging

  • aandacht richten

  • cognitieve herinterpretatie

Hier versterken onder andere de prefrontale cortex en de insula hun regulerende rol.


2. Interpersoonlijke regulatie

Onze zenuwstelsels zijn sociaal. Hartslag, ademhaling en spierspanning synchroniseren zich in veilige interactie.

Veilig oogcontact, een rustige stem, fysieke nabijheid — ze moduleren vagale activiteit en verlagen stresshormonen.

Regulatie is dus nooit puur individueel. Ze is biologisch relationeel.


En hier krijgt de quote van Frankl een diepere betekenis: de ruimte tussen prikkel en respons ontstaat pas wanneer het lichaam veiligheid detecteert.

Zonder regulatie is er geen ruimte. Alleen reflex.



Waarom de omgeving ertoe doet

Veerkracht is geen puur innerlijke vaardigheid.

Je omgeving beïnvloedt voortdurend je zenuwstelsel:

  • licht en dag-nachtritme

  • geluid en prikkeldruk

  • voorspelbaarheid of chaos

  • sociale veiligheid

  • natuur en ruimtelijkheid

  • orde of visuele overbelasting

Een veilige omgeving kan je veiligheidsraam tijdelijk vergroten. Een onvoorspelbare omgeving kan het verkleinen.

Dat betekent dat veerkracht geen individuele opdracht is. Ze is interactioneel.


De prikkel doet ertoe.

Je geschiedenis doet ertoe.

Maar ook je huidige context doet ertoe.



Hoe vergroot je je regulatiecapaciteit?

Veerkracht is geen vaste eigenschap. Het is de verhouding tussen:

– activatie

– betekenisgeving

– regulatie

– relationele steun

Wanneer meerdere factoren dezelfde richting ondersteunen, ontstaat stabiliteit.

Wanneer ze elkaar tegenwerken, raakt het systeem sneller ontregeld.

De ruimte tussen stimulus en respons is dus geen leegte. Ze wordt gevuld door je geschiedenis, je lichaamstoestand en je omgeving.


Het goede nieuws?

Die ruimte kan groeien.

Niet door harder te worden.

Maar door beter gereguleerd te raken.


En dat kan je trainen.

Enkele wetenschappelijk onderbouwde principes:

1. Werk met ritme

Regelmaat in slaap, voeding en blootstelling aan daglicht ondersteunt autonome stabiliteit.

2. Train interoceptie

Dagelijks enkele minuten bewust aandacht geven aan adem of lichaamssensaties versterkt je interne regulatiesystemen.

3. Bouw herstelmomenten in

Niet alleen sporten, maar ook vertragen. Langzame ademhaling, wandelen, zachte mobiliteit verhogen vagale tonus.

4. Zoek co-regulatie op

Veilige gesprekken, nabijheid, gedeelde stilte. Het zenuwstelsel herstelt sneller in verbinding.

5. Verminder chronische micro-activatie

Constante notificaties, multitasking en auditieve overbelasting vernauwen je veiligheidsraam.

6. Ontwerp je omgeving bewust

Licht, natuur, voorspelbaarheid en orde ondersteunen fysiologische veiligheid.

Veerkracht groeit niet door harder te worden.Ze groeit door beter gereguleerd te raken.


Embodied Learning: regulatie in de praktijk

In april start het traject Embodied Learning.

Als je voelt dat je raam te smal is geworden door chronische stress, dan leer je hier hoe je de muren weer fysiek naar buiten duwt.

Dit is geen theoretische cursus over stress. Het is een ervaringsgericht traject waarin we systematisch werken aan het vergroten van je veiligheidsraam.

We trainen:

  • lichaamsbewustzijn (interoceptie)

  • veilige activatie en terugkeer

  • relationele veiligheid

  • ritme en omgevingsbewustzijn

  • het leren herkennen van je eigen activatiepatronen


Veerkracht ontstaat niet door te begrijpen wat stress is,maar door herhaaldelijk te ervaren dat je kan activeren én terugkeren.

Tussen stimulus en respons is er ruimte.

Die ruimte groeit wanneer je zenuwstelsel leert dat activatie niet gevaarlijk is — omdat herstel mogelijk is.


Dat is waar veerkracht werkelijk ontstaat.




Bronnen:


Bowlby, J. (1969, 1988). Attachment and Loss.

Siegel, D. (1999, 2012). The Developing Mind.

Porges, S. (2011). The Polyvagal Theory.

Feldman Barrett, L. (2017). How Emotions Are Made

Ulrich, R. (1984). View through a window may influence recovery from surgery.

Sternberg, E. (2009). Healing Spaces.

Goldhagen, S. (2017). Welcome to Your World.



Recente blogposts

Alles weergeven

Opmerkingen


bottom of page